Signalenkaart

Meldcode

Kijk voor meer achtergrondinformatie over de diverse stappen op www.meldcode.nl en vraag binnen uw eigen organisatie naar het protocol meldcode huiselijk geweld en kindermishandeling.

Stap 1: In kaart brengen van signalen

Breng de signalen die een vermoeden van huiselijk geweld of kindermishandeling bevestigen of ontkrachten in kaart en leg deze vast.

Signalen die niet op de kaart staan / signalen van derden

Mogelijk zijn er zaken die niet op de kaart vernoemd zijn, maar die u wel zorgen baren. Deze kunt u meewegen bij het besluit om wel of niet te melden. Wij adviseren u terughoudend te zijn met signalen die u niet zelf heeft waargenomen en waar mogelijk deze personen te stimuleren zelf de stappen van de meldcode te zetten of contact op te nemen met Veilig Thuis.

 Stap 2: Collegiale consultatie

Bespreek de signalen met een deskundige collega of in een teamoverleg. Vraag zo nodig ook advies aan Veilig Thuis. Leg de uitkomsten van de collegiale consultatie en/of het gegeven advies vast in het cliëntdossier. Schrijf op met wie, wat en wanneer u dit besproken heeft.

Stap 3: Gesprek met de cliënt

Bespreek de signalen met de cliënt. Hebt u ondersteuning nodig bij het voorbereiden of het voeren van het gesprek met de cliënt, raadpleeg dan een deskundige collega en/of Veilig Thuis.

Leg de cliënt het doel uit van het gesprek;

  • Beschrijf de feiten die u hebt vastgesteld en de waarnemingen die u hebt gedaan;
  • Nodig de cliënt uit om een reactie hierop te geven;
  • Kom pas na deze reactie zo nodig met een interpretatie van hetgeen u hebt gezien, gehoord en waargenomen.

Het doen van een melding zonder dat de signalen zijn besproken met de cliënt, is alleen mogelijk als:

  • Er concrete aanwijzingen zijn dat de veiligheid van de cliënt, die van u zelf, of die van een ander in het geding is, of zou kunnen zijn;
  • Als u goede redenen hebt om te veronderstellen dat de cliënt door dit gesprek het contact met u zal verbreken en dat de cliënt daardoor niet voldoende meer kan worden beschermd tegen het geweld.

Stap 4: Wegen van het geweld aan de hand van afwegingskader

Weeg op basis van de signalen, van het ingewonnen advies en van het gesprek met de cliënt de aard en ernst van het huiselijk geweld en/of kindermishandeling, middels het afwegingskader. Weeg eveneens de aard en de ernst van het huiselijk geweld of de kindermishandeling. U kunt gebruik maken van risicotaxatie-instrumenten, indien deze in uw organisatie beschikbaar zijn.

Beantwoord de volgende vragen van het afwegingskader:

  1. Heb ik op basis van de stappen 1 tot en met 4 van de meldcode een vermoeden van (dreiging van) huiselijk geweld en/of kindermishandeling?

Nee:     Afsluiten en vastleggen in dossier
Ja:       Ga verder met afweging 2

  1. Schat ik op basis van de stappen 1 tot en met 4 van de meldcode in dat er sprake is van acute onveiligheid en/of structurele onveiligheid?

Nee:     Ga verder met afweging 3
Ja:       Melden bij Veilig Thuis. De afwegingen 3 tot en met 5 worden samen met Veilig Thuis doorlopen.

  1. Ben ik in staat effectieve hulp te bieden of organiseren om dreiging van (toekomstig) huiselijk geweld en/of kindermishandeling af te wenden? Bij acute onveiligheid en/of structurele onveiligheid wordt deze afweging samen met Veilig Thuis doorlopen.

Nee:     Melden bij Veilig Thuis
Ja:       Ga verder met afweging 4

  1. Aanvaarden de betrokkenen hulp om dreiging van (toekomstig) huiselijk geweld en/of kindermishandeling af te wenden en zijn zij bereid zich hiervoor in te zetten? Bij acute onveiligheid en/of structurele onveiligheid wordt deze afweging samen met Veilig Thuis doorlopen.

Nee:     Melden bij Veilig Thuis
Ja:       Hulp bieden of organiseren, ga verder met afweging 5.

  1. Leidt de hulp binnen de gewenste termijn tot de noodzakelijke resultaten ten aanzien van de veiligheid en/of het welzijn (herstel) van alle betrokkenen? Bij acute onveiligheid en/of structurele onveiligheid wordt deze afweging samen met Veilig Thuis doorlopen.

Nee:     (Opnieuw) melden bij Veilig Thuis.
Ja:       Hulp opstarten met afspraken over het volgen van toekomstige (on)veiligheid met betrokkenen en samenwerkingspartners.

Raadpleeg in geval van twijfel altijd (opnieuw) Veilig Thuis. Zij bieden ondersteuning bij het wegen van het geweld en van de risico’s op schade en zij kunnen adviseren over vervolgstappen.

Stap 5: Beslissen over het doen van een melding en het inzetten van noodzakelijke hulp

U maakt de beslissing of melden bij Veilig Thuis noodzakelijk is en/of dat hulpverlening kan worden georganiseerd. Deze beslissing legt u vast in het dossier van de cliënt:

  • Informeer uw cliënt dat u contact opneemt met Veilig Thuis;
  • Meld uw vermoeden bij Veilig Thuis;
  • Sluit bij uw melding zoveel mogelijk aan bij feiten en gebeurtenissen en geef duidelijk aan indien de informatie die u meldt (ook) van anderen afkomstig is;
  • Overleg bij uw melding met Veilig thuis wat u na de melding, binnen de grenzen van uw gebruikelijke werkzaamheden, zelf nog kunt doen om uw cliënt en naastbetrokkenen zoals gezinsleden te beschermen tegen het risico op huiselijk geweld.
  • Organiseer de noodzakelijke hulp en meld dit bij Veilig Thuis;
  • Volg de effecten van deze hulp;
  • Doe wederom een melding als er signalen zijn dat het huiselijk geweld en/of de kindermishandeling niet stopt of opnieuw begint.